Exclusieve Villabouw - Sleutel Op De Deur Bouwen -Bouwaannemer

Published Apr 18, 22
7 min read

Appartementsbouw-appartement-bouwen - Bouwbedrijven

7:752 BW bepaalt in die gevallen dat de opdrachtgever een redelijke prijs voor het werk verschuldigd is en ook dat een richtprijs zonder tijdige waarschuwing niet met meer dan tien procent overschreden kan worden. In dit artikel zal ik aan de hand van een bespreking van vier uitspraken enkele valkuilen toelichten die art.

Ik ben vanwege de omvang van het artikel gedwongen geweest om een beperkte selectie van uitspraken te maken en heb dan ook zeker niet de intentie om een volledig overzicht van alle jurisprudentie te geven. De uitspraken hebben allemaal nagenoeg hetzelfde verloop: de opdrachtgever stelt zich eerst op het standpunt dat een vaste prijs is overeengekomen en dat hij teveel voor het werk heeft betaald.

Meer subsidiair stelt de opdrachtgever dat hetgeen betaald is aan of gevorderd wordt door de aannemer, meer is dan een redelijke prijs voor het werk. De aannemer vordert doorgaans volledige betaling van al zijn facturen stellende dat geen vaste prijs was bepaald (er werd gewerkt in regie) en hetgeen in rekening werd gebracht ook redelijk was.

7:752 lid 2 BW voor de grootste valkuilen zorgt. Het ging in deze zaak om de vraag of de aannemer op basis van een vaste prijs (standpunt opdrachtgever) of op basis van regie (standpunt aannemer) de werkzaamheden had aangenomen. Het werk betrof onderhouds- en schilderwerk aan boeiboorden en de dakkapel van het woonhuis van de opdrachtgever.

903,77 bij de opdrachtgever in rekening voor de werkzaamheden in mei tot en met juli 2014 en de opdrachtgever betaalde deze factuur zonder te protesteren volledig. In januari 2015 bracht de aannemer € 29. 367,34 bij de opdrachtgever in rekening voor de resterende werkzaamheden, de opdrachtgever betaalde slechts gedeeltelijk, te weten een bedrag ad € 5.

In maart 2015 maakt de opdrachtgever bezwaar tegen de hoogte van beide facturen en vraagt hij de aannemer om specificaties van de uren en het verwerkte materiaal. Na verstrekking van de gegevens liet de opdrachtgever weten ook tegen de specificaties bezwaar te maken. De opdrachtgever begrootte de waarde van het uitgevoerde werk vervolgens zelf op € 13.

721,–) van de aannemer terug. De aannemer reageerde met een sommatie tot betaling van het restant van de tweede factuur, waarna de opdrachtgever hem liet weten de juistheid van beide facturen te betwisten. De opdrachtgever stelde zich kennelijk op het standpunt dat hij enkel de vaste aanneemsom ad € 3.

Bouwbedrijf Prijzen - Bouwbedrijven

3) dat evenmin sprake was van een aanneemsom op basis van regie vanwege diezelfde (volgens de rechter enkele) zin uit de offerte vind ik onbegrijpelijk. Te meer omdat de opdrachtgever in zijn allereerste bezwaar tegen de hoogte van de facturen van de aannemer heeft gevraagd om de onderliggende specificaties van de werkzaamheden (uren) en het de materiaalkosten.

7:752 BW. De rechter stelde ten aanzien van de richtprijs in r. o. 4. 5 twee zaken vast. Ten eerste het feit dat de aannemer kennelijk niet had gewaarschuwd voor een overschrijding van de richtprijs met meer dan 10 procent. Ten tweede stelde de rechter vast dat de aannemer niet had onderbouwd dat de richtprijs zelf is overschreden, waardoor de aannemer dus evenmin aanspraak had op overschrijding van de richtprijs tot maximaal 10 procent.



Het oordeel dat de richtprijs dus met niet meer dan 10 procent overschreden kan worden, is dus strikt genomen juist. Echter, enigszins onbevredigend is deze strikte toepassing van lid 2 van art. 7:752 BW wel. Feit is namelijk dat de eerste factuur van de aannemer (ruim € 19. 000,–) de richtprijs al ruim overschreed en desondanks geheel en zonder protest door de opdrachtgever werd betaald.

000,–) waarop de opdrachtgever gedeeltelijk betaalde. De opdrachtgever had de aannemer in totaal bijna € 25. 000 voldaan. Uit deze feiten blijkt nu niet bepaald dat partijen een richtprijs in de zin van art. 7:752 BW voor het werk overeengekomen waren. Althans, het ligt in geen geval voor de hand dat een opdrachtgever die van mening is dat een werk ongeveer € 3.

Wat daarna gebeurde is ook interessant: de opdrachtgever bestreed na de laatste gedeeltelijke betaling de juistheid van de hoogte van beide facturen en stelde, na bestudering van urenspecificaties en materiaalkosten van de aannemer, dat de kosten van de werkzaamheden ruim € 13. 000,00 zouden bedragen. Daarop vorderde de opdrachtgever het teveel betaalde bedrag (bijna € 12.

Wederom geeft de opdrachtgever geen blijk van het bestaan van een richtprijs in de zin van art. 7:752 BW, anders had hij zich wel op het standpunt gesteld dat hij niet veel meer had hoeven te betalen voor het werk dan de richtprijs. Ten aanzien van het afwijzen van de aanspraak van de aannemer op een overschrijding tot 10 procent van de richtprijs, ben ik van mening dat de rechtbank in elk geval anders had moeten oordelen (Een aannemer vertrouw je een flinke klus toe. Vraag vrienden en bekenden of zij een aannemer kunnen aanbevelen. Bekijk bij hen ook het resultaat.). Wanneer namelijk gekeken wordt naar de inhoud van de offerte blijkt dat de opbouw van de richtprijs de volgende is: 50 uur a € 47,75 p/u; vermeerdert met € 851,75 aan materiaalkosten; verhoogt met eenmalige op- en afbouwkosten voor de steiger a € 120,00; en één week steigerhuur à € 112,50.

Daarmee is volgens mij de 10 procent overschrijding van de richtprijs (€ 347,18) al meer dan voldoende onderbouwd en had de rechter moeten vaststellen dat de aannemer zonder waarschuwing in elk geval recht had op de richtprijs € 3. 471,75 plus 10 procent. Een druppel op de gloeiende plaat, maar toch.

Een Appartement Kopen: Wat Zijn De Verschillen Tussen ... - Bouwbedrijven

Er was geen schriftelijke door beide partijen ondertekende aannemingsovereenkomst voor handen. Er was enkel een offerte en een opvolgende e-mail van de aannemer aan de opdrachtgever. In de offerte was opgenomen dat het een “prijsindicatie” betrof en in de e-mail was de korte tekst opgenomen: “Hierbij de prijs volgens afspraak: Totaalprijs incl.

000,00”. De aannemer had in totaal € 132. 018,14 bij de opdrachtgever in rekening gebracht, waarvan de opdrachtgever € 119. 673,67 had betaald. De opdrachtgever had slechts een deel van de laatste factuur betaald omdat hij van mening was dat sprake was van gebrekkig uitgevoerde werkzaamheden. De overige facturen waren zonder protest door de opdrachtgever voldaan, waarbij evenmin vragen waren gesteld over de daarin opgenomen urenspecificaties.

Primair werd door de opdrachtgever als verweer aangedragen dat een vaste prijs ad € 103. 000,– was overeengekomen en subsidiair werd aangevoerd dat sprake was van een regieopdracht met een richtprijs ter grootte van dat bedrag alsmede dat de aannemer niet had gewaarschuwd voor overschrijding ervan. Het hof neemt vervolgens als uitgangspunt dat het op de weg van de aannemer ligt te bewijzen dat het werk in regie is uitgevoerd. Teneinde te beoordelen of de aannemer aan bovengenoemde bewijslast had voldaan, woog het hof alle voorhanden zijnde bewijsmiddelen.

Het hof stelde vast dat partijen overeenstemming hebben bereikt op basis van de zeer korte e-mail, zie hiervoor. Het hof oordeelde als volgt: r. o. 5. 10. De afspraken die partijen later wel hebben gemaakt, vloeien voort uit een zeer korte e-mail van [geïntimeerde] van 8 februari 2011. Daarin worden twee opties voorgesteld.

BTW zoals besproken (met pannendak op slaapkamer)’ van € 103. 000,-. Op grond van uitsluitend deze tekst kan niet worden vastgesteld of die afspraak zag op een vaste prijs dan wel op een indicatie van de aanneemsom. (…) Vervolgens werd aan de hand van de getuigenverklaringen en het feit dat opdrachtgever nimmer heeft geprotesteerd tegen op regiebasis opgestelde facturen van de aannemer (ook niet toen de beweerdelijke aanneemsom met ruim € 26.



7:752 lid 1 BW is (zie r. o. 5. 12.) - Een Casco-woning Afwerken: 5 Valkuilen - Inspiratieblog - bouwbedrijven. Ten aanzien van het subsidiaire verweer van de opdrachtgever inhoudende dat het bedrag genoemd in de e-mail, op basis waarvan partijen de overeenkomst zijn aangegaan, dient te gelden als richtprijs in de zin van leden 1 en 2 van art.



De enkele tekst “Totaalprijs incl (Het Bouwen Van 6 Appartementen Met 4 Car-port's En - bouwbedrijven). BTW”, is onvoldoende om te kunnen aannemen dat sprake is van een richtprijs in de zin van de wet. Het hangt volgens het hof van alle omstandigheden van het geval af of deze prijsindicatie aangemerkt dient te worden als richtprijs. Uit het voorhanden zijnde bewijsmateriaal (schriftelijke verklaringen van betrokken personen) blijkt al dat sprake moest zijn van een richtprijs.

Navigation

Home

Latest Posts

Veranda Nijmegen

Published Sep 20, 22
10 min read

Veranda Vloer Ideeën

Published Sep 16, 22
3 min read

Camera Kopen Beveiliging

Published Sep 11, 22
3 min read